Installatie en inbedrijfname

Om veilig uitlezen en overdragen van de metergegevens te waarborgen, gaat u als volgt te werk:

1. Plaats de uitleeseenheid op de infrarood data-interface van uw elektronische huishoudelijke meter (EDL21). De magneetring garandeert een veilige bevestiging. Maak zo nodig gebruik van de meegeleverde kleefpad.
2. Plaats de meegeleverde antenne in de antenne-aansluitbus. Breng de antenne vervolgens in een verticale lijn. Let er voor een goede ontvangst op dat de antenne, indien mogelijk, buiten de meterkast wordt gemonteerd. Idealiter zet u de antenne bovenop de meterkast.
3. Breng de voedingsspanning tot stand via de Micro-USB-oplaadkabel. Verbind hiertoe de Micro-USB-aansluiting met de uitleeseenheid en de netstekker en plaats deze in een 230 V-stopcontact. Indien er in uw zekeringskast geen stopcontact voorhanden is, kunt u een batterij gebruiken.
4. Plaats de ontvangsteenheid in uw centrale. De Power Control is nu gereed voor gebruik en kan aan de SmartHome-software toegevoegd worden.